in de bocht

Het doel van een bocht op een ijsbaan is om binnen een afstand van 100 meter 180 graden te draaien, waarbij de curve van de baan wordt gevolgd. Om de snelheid van het rechte eind in de bocht te behouden of op te voeren, zal met een aardige snelheid aan de bocht begonnen moeten worden.

Door de snelheid word je de bocht uit geslingerd, je moet dus continu jezelf de bocht in blijven duwen om dat te voorkomen. Net als op het rechte stuk moet je schuin in je been hangen om af te kunnen zetten. Je moet schuin in de bocht hangen om jezelf steeds naar links te kunnen duwen. Om een goedlopende bocht te rijden moet je precies op het goede moment precies hard genoeg jezelf de bocht in duwen. 

Rijd je te langzaam, wordt je niet hard genoeg de bocht uitgeslingerd, of duw je te hard, dan rijd je de bocht te krap. Rijd je hard, maar duw je jezelf (even) niet hard genoeg de bocht in, dan glij je de bocht uit.

Krachten en dynamisch evenwicht 

Dynamisch evenwicht wil zeg- gen dat de krachten die op een schaatser werken precies met elkaar in evenwicht moeten zijn. Als een van de krachten verandert zonder dat de andere krachten veranderen, raakt de rijder uit balans en/of verandert zijn richting.

Als een schaatser door een bocht gaat, werken er hoofdzakelijk twee krachten op zijn lichaam: 

  1. zwaartekracht & 
  2. centripetaalkracht (afzetten door schaatser) zoals je kunt zien in de afbeelding. Samen met de massatraagheid, (snelheid van het lichaam) geeft dit een evenwichtig krachtenspel in de bocht.

De mate van hellingshoek van de schaatser bepaalt hoeveel kracht er geleverd moet worden om de zwaartekracht te compenseren. Je moet dus voldoende afzetten. Dit moet kloppen met je snelheid (massatraagheid). Meer snelheid betekent schuiner hangen en dus harder afzetten.

Om niet de bocht uitgeslingerd te worden, hangt de schaatser met zijn lichaamsgewicht de bocht in. De vector van deze twee krachten bepaalt hoe schuin de hang van de schaatser is.

Naarmate de snelheid toeneemt wordt de schaatser met meer kracht de bocht uitgeslingerd. Om dit te voorkomen zal de rijder een grotere reactiekracht moeten leveren; schuiner hangen en met meer kracht zichzelf de bocht in duwen om tot een dynamisch evenwicht te komen. De hoek tussen schaatser en ijs wordt kleiner.

met als aandachtspunt: houding

met als aandachtspunt: afzetten

met als aandachtspunt: balans

met als aandachtspunt: plaatsing

met als aandachtspunt: ritme

met als aandachtspunt: timing

met als aandachtspunt: frequenties