Derde week jeugd

Een mogelijke opbouw van lessen

 

(altijd mogelijk aan te passen aan je groep)

    1. Veel aandacht aan balans, stabiliteit
    2. Vanuit balans naar ritme, remmen
  1. Vanuit balans en ritme naar timing naar houding

 

Les 3 Van veel aandacht aan balans, stabiliteit naar opdrachten met meer ritme en ook timing(vooral iets grotere kinderen). Ook lekker veel herhalingen van vorige week in een net ander jasje.

Kies opdrachten die je met een kleine aanpassing kan herhalen zodat er veiligheid ontstaat, werk een groot deel v/d les met hetzelfde (pionnen) baantje. Stop op tijd om nog even te kletsen en te vertellen wanneer de volgende les weer is(met kinderen en eventueel ouders).

 

Week 3 5-6 Vanuit balans naar ritme, remmen en veiligheid(fysiek en sociaal)
Tijd opdracht variatie oefenvorm
1

Na verzamelen

Zet als eerste een pionnen baantje neer en laat ze rondjes rijden. Als iedereen er is weer even met elkaar zitten, jij op je knieën en vraag hoe het met ze gaat. 

Dan een opstaan, zit opdracht met herhalen van elkaars namen.

  • Herhalen vorige week
  • Weten ze zelf nog een variant
  • Met een nieuw verhaaltje erbij
Pionnenbaan.

Op een afgesloten stukje ijs. 

2 Rondjes(5x) om de pionnenbaan. Een rondje als een reus(heel groot) en een rondje als een muisje(heeeel klein).  
  • Als reus met hele grote stampende passen.
  • Als muisje met hele kleine zachte stapjes.
  • Met een verhaaltje (Reus die bang is voor een muisje??).
Om een klein pionnenbaantje.
  • Wat doe je als je valt
  • je mag inhalen
  • beweeg je tussen de kinderen in. Liefst ook als een reus of muis.
  • Schaats met ze mee, stimuleer en voel aan wanneer het genoeg is.
3 Om de pionnenbaan steeds 5 keer per opdracht.
  • steeds beetje vaart maken en dan proberen even te glijden.
  • in ritme stap,stap,stap,stap,glij
  • Je schaatsen zijn vriendjes. Ze willen dicht bij elkaar blijven.
Om een klein pionnenbaantje.
  • Wat doe je als je valt
  • je mag inhalen
  • beweeg je tussen de kinderen in. Liefst ook als een piguin
  • Schaats met ze mee, stimuleer en voel aan wanneer het genoeg is.
4 Pauze

Liefst van het ijs op het rubber.

  • Jij tussen de kinderen in. Probeer ze wat te laten vertellen. Daar kun je weer gebruik van maken bij opdrachten.
Liefst van het ijs op het rubber. boarding.
5 Een opstaan, zit opdracht.

  • Stukje kruipen op het ijs, onder jouw arm door.
  • op handen en schaatsen voortbewegen
  • Als een: Reuze piguin, mini pinguin, slang, olifant(heel hard stampen).
Op een afgesloten stukje ijs.
Om de pionnenbaan steeds 5 keer per opdracht met onder jouw arm(beschermer, stok) doorschaatsen.
  • Stok steeds iets lager(aanpassen per kind)
  • glijdend op twee schaatsen er onderdoor
Om een klein pionnenbaantje.
  • Wat doe je als je valt
  • je mag inhalen
6 Om de pionnenbaan steeds 5 keer per opdracht met starten en remmen op aangeven van jou.
  • Remmen en rondje draaien
  • Remmen, knie aantikken en verder
  • Verhaaltje; in de auto, stuur vast en gasgeven en remmen.
  • Evt iets vertellen over remmen met geknikte knieën.
Om een klein pionnenbaantje.
  • Wat doe je als je valt
  • je mag inhalen
7 Afsluiting met bijv een bezoek aan de speeltuin of pretpark
  • Kinderen noemen een speeltoestel en jij bedenkt de voortbeweging erbij.
Op een afgesloten stukje ijs.
Op tijd terug naar de ouders en daar kletsen/informatie geven

 

Week 3 7-8 Vanuit balans en ritme naar timing veiligheid(fysiek en sociaal)
Tijd opdracht variatie oefenvorm
1

Na indelen

Zet als eerste een pionnen baantje neer en laat ze rondjes rijden. Als iedereen er is weer even met elkaar zitten, jij op je knieën en vraag hoe het met ze gaat. 

Dan een opstaan, zit opdracht met herhalen van elkaars namen.

  • Herhalen vorige week
  • Weten ze zelf nog een variant
Pionnenbaan.

Op een afgesloten stukje ijs. 

2 Rondje om de pionnenbaan hoe je zelf wilt schaatsen
  • 5 rondje met zacht mogelijk schaatsen slagen
  • 5 rondje met zo stampend mogelijk schaatsen
  • 5 rondjes zo klein en stil als een muisje.
  • 5 rondjes stampend met grote bewegingen als een grote gorilla(hangende armen en kromme benen, zelf voordoen of laten voordoen)
Om een grote pionnenbaan.
  • Wat doe je als je valt
  • je mag inhalen
  • beweeg je tussen de kinderen in
  • Schaats met ze mee, stimuleer en voel aan wanneer het genoeg is. Stimuleer ze om door te schaatsen
3 Rondje om de pionnenbaan 5x. 

Bij begin en einde pionnenbaan remmen en weer zo snel/hard mogelijk wegschaatsen.

  • 5 x rondje met remmen. IJs aantikken en zo hard mogelijk wegrijden.
  • 5 x rondje met remmen. Op je knieen gaan zitten, opstaan en zo hard mogelijk wegrijden.
Om een grote pionnenbaan.
  • Wat doe je als je valt
  • je mag inhalen
  • beweeg je tussen de kinderen in
  • Schaats met ze mee, stimuleer en voel aan wanneer het genoeg is. Stimuleer ze om door te schaatsen
Eventueel een grote ronde met steeds korte stukjes schaatsen. tot de hele groep weer bij elkaar is. Laat weten(wijs aan) tot waar er geschaatst wordt en zorg steeds dat jij daar als eerste bent.

Let vooral op de minder goede schaatsers

Korte pauze. Namen weer herhalen, leer de kinderen kennen. Liefst even van het ijs.
5 Herhaling 

Een opstaan/zit opdracht.

Nadruk op staan met knieën en voeten naast elkaar enz.

  • Jij de eerste opdracht
  • Daarna ideeën uit de groep
Op een afgesloten stukje ijs.
6 Rondje 5x om de pionnenbaan met starten en glijden en remmen op aangeven van jou. 5x rondje 
  • Starten, glijden tot stilstand en weer starten.
  • Starten, glijden, zitten, staan en starten.
  • Eigen vormen
Om een lange  pionnenbaan.
  • Wat doe je als je valt
  • je mag inhalen
7 Eventueel een grote ronde met steeds korte stukjes schaatsen. tot de hele groep weer bij elkaar is.
  • Als er snellen bijzijn, proberen jou met de minder snellen helemaal in te halen
Laat weten(wijs aan) tot waar er geschaatst wordt en zorg steeds dat jij daar als eerste bent.

Let vooral op de minder goede schaatsers

8 Afsluiting veilig tik spel op afgesloten stukje.
  • Afgesloten stukje ijs
Op tijd terug naar de ouders en daar kletsen/informatie geven

 

Week 3 9-11 Vanuit balans en ritme naar timing veiligheid(fysiek en sociaal)
Tijd opdracht variatie oefenvorm
1

Na indelen

Ga weer even met elkaar zitten, jij op je knieen en vertel wie je bent. 

Dan een opstaan, zit opdracht.

  • Gebruik deze opdracht om de namen te leren kennen en de vaardigheden in te schatten.
  • Zitten, liggen, draaien op de buik en weer opstaan
  • Zie je leuke varianten, laat het ze allemaal doen
Op een afgesloten stukje ijs.
2 Rondje om de pionnenbaan hoe je zelf wilt schaatsen
  • 5 rondje met zacht mogelijk schaatsen slagen
  • 5 rondje met zo stampend mogelijk schaatsen
  • 5 rondjes zo klein en stil als een muisje.
  • 5 rondjes stampend met grote bewegingen als een grote gorilla(hangende armen en kromme benen, zelf voordoen of laten voordoen)
Om een grote pionnenbaan.
  • Wat doe je als je valt
  • je mag inhalen
  • beweeg je tussen de kinderen in
  • Schaats met ze mee, stimuleer en voel aan wanneer het genoeg is. Stimuleer ze om door te schaatsen
3 Rondje om de pionnenbaan 5x. 

Bij begin en einde pionnenbaan remmen en weer zo snel/hard mogelijk wegschaatsen.

  • 5 x rondje met remmen. IJs aantikken en zo hard mogelijk wegrijden.
  • 5 x rondje met remmen. Op je knieen gaan zitten, opstaan en zo hard mogelijk wegrijden.
Om een grote pionnenbaan.
  • Wat doe je als je valt
  • je mag inhalen
  • beweeg je tussen de kinderen in
  • Schaats met ze mee, stimuleer en voel aan wanneer het genoeg is. Stimuleer ze om door te schaatsen
4 Eventueel een grote ronde met steeds korte stukjes schaatsen. tot de hele groep weer bij elkaar is.
  • Als er snellen bijzijn, proberen jou met de minder snellen helemaal in te halen
Laat weten(wijs aan) tot waar er geschaatst wordt en zorg steeds dat jij daar als eerste bent.

Let vooral op de minder goede schaatsers

Korte pauze. Namen weer herhalen, leer de kinderen kennen. Liefst even van het ijs.
5 Herhaling 

Een opstaan/zit opdracht.

Nadruk op staan met knieën en voeten naast elkaar enz.

  • Jij de eerste opdracht
  • Iets met handen bij de enkels, gehurkt.
  • Daarna ideeën uit de groep
Op een afgesloten stukje ijs.
6 Rondje 5x om de pionnenbaan met starten en glijden en remmen op aangeven van jou. 5x rondje 
  • Starten, glijden tot stilstand en weer starten.
  • Starten, glijden, zitten, staan en starten.
  • Eigen vormen
Om een lange  pionnenbaan.
  • Wat doe je als je valt
  • je mag inhalen
7 Pionnenbaan Starten vanuit stilstand Starten vanuit stilstand achter een lijn op jouw startteken.
  • Tweetallen tegen elkaar
  • Steeds tegen een ander van het groepje.
  • Veilig met de richting mee wegstarten. 
  • Via de zijkant rustig terug schaatsen.
  • Wedstrijdje tot halverwege de baan, dan afremmen.
8 Eventueel weer een of twee grote ronde met steeds kleinere stukjes schaatsen. Tot de hele groep weer bij elkaar is. Dan het volgende stuk.
  • Laat alleen een deel van de groep een tweede ronde rijden
Laat weten(wijs aan) tot waar er geschaatst wordt en zorg steeds dat jij daar als eerste bent.

Let vooral op de minder goede schaatsers

9 Eventueel tikspel Tweeling tikkertje bijv. Nog alleen met je eigen groep.

Stimuleer starten en remmen.

Veilig op afgesloten stukje. Houd het kort.
Op tijd terug naar de ouders en daar kletsen/informatie geven

 

Week 3 12+
Tijd opdracht variatie oefenvorm
1

Na indelen

Kies opdrachten uit 9-11 die passen bij je groep en wissel dat af met opdrachten uit de lessen voor de volwassenen.