gevorderde schaatsers

Gevorderden hebben de meeste onderdelen van de techniek grotendeels onder controle. Het zijn vaak details die nog niet lekker lopen. Dit verschilt ook per cursist, er komt dus meer persoonlijke feedback bij kijken. De cursisten zijn in staat om te spelen met hun schaatsslag en kunnen nieuwe dingen uitproberen tijdens het rijden.

Kijk eens naar de verschillende thema’s op Het Rechte Eind

HOUDING

Naar mate de schaatsers sneller gaan, wordt de romp houding belangrijker voor een aerodynamische zit. Naast de houding is ook de verhouding tussen enkelhoek, kniehoek en heuphoek belangrijk.

Het verschil tussen de échte toppers en de recreatieve goede schaatsers zit in nog kleinere hoeken. Kleinere hoeken vragen om meer kracht en hebben effect op de timing. Het is belangrijk om hier bij de oefenstof rekening mee te houden.

Voorbeelden van oefenstof

Voorbeeld van een rij-opdracht

BALANS

Gevorderde cursisten staan vaak redelijk in balans. Bij schaatsen is er sprake van een dynamische balans. De positie van het steunpunt verandert constant en ook sturen de schaatsen afhankelijk van de stand van ijzer ten opzichte van het ijs. Balans draait dan ook om het onder controle houden van je beweging.

Ver gevorderde schaatsers kunnen nagenoeg onbeperkt op een been blijven staan (soms te zien na de finish). Die enorm goede balans hebben ze nodig om de stand van de schaats en van hun bovenlichaam precies op het goede moment in de goede positie te brengen. Tot je als schaatser zover bent, kun je balans dus blijven oefenen.

Let op! Door iets nieuws te oefenen is vaak de balans verstoord. Je doet op dat moment namelijk iets wat je nog niet eerder hebt gedaan en daarin moet je alles weer opnieuw een plek geven: Balans zoeken. Het kan dus bij een oefening even duren voordat de balans weer is gevonden.

Voorbeelden van oefenstof

Voorbeeld van een rij-opdracht

AFZET

Gevorderde schaatsers hebben de afzet vaak al redelijk onder de knie. De schaats heeft grip en de kracht wordt meestal loodrecht op de stand van de schaats geleverd. In het volgende filmpje vergelijken we de afzet van een van onze gevorderde cursisten met die van Anouk van der Weijden. Opvallend is vooral de enorme lichaamsverplaatsing die Anouk teweeg brengt met haar afzet.

Voor een betere afzet zou de oefenstof voor deze cursist gericht moeten zijn op de voorbereiding van de afzet; insturen, schuin staan op het moment van afzetten en compact blijven.

Voorbeelden van oefenstof

Voorbeeld van een rij-opdracht

BIJHAAL

Met gevorderden werken aan de bijhaal levert vaak goede resultaten op. Hoewel een bijhaal niet direct gelinkt is aan het leveren van kracht, heeft ze veel effect op timing en ontspanning.

Voorbeelden van oefenstof

Voorbeeld van een rij-opdracht

PLAATSEN

Gevorderden plaatsen hun schaats veelal op de buitenkant en goed onder het lichaam. Een goede plaatsing stelt een cursist in staat de afzet goed voor te bereiden. Ook maakt een goede plaatsing het mogelijk om een harde afzet goed op te vangen.

Je kunt grofweg 3 dimensies definiëren van de plaatsing; de richting, de plaats en de verticale stand. Bij een goede plaatsing wijst de schaats een beetje naar buiten, staat deze onder het lichaam en op de buitenkant.

Voorbeelden van oefenstof

Voorbeeld van een rij-opdracht

RITME

Zelfs bij de allerbeste schaatsers zijn er verschillen in ritme. Het is van belang dat een instructeur voor zijn gevorderde cursisten een ritme vindt dat past bij hun beweging, kracht en doel op dat moment.

Voorbeelden van oefenstof

Voorbeeld van een rij-opdracht

TIMING

Juist bij gevorderde cursisten is timing belangrijk. Vaak zijn de afzonderlijke onderdelen van de schaatsslag geen probleem, maar gaat het juist om de onderlinge verhouding van de thema’s.

Een aantal thema’s blijken vaak van belang voor gevorderde schaatsers; te vroeg van de afzet-schaats af bewegen en te vroeg plaatsen.

Aandachtspunten: Waar kun je op letten?