Plaatsing

Gevorderden plaatsen hun schaats veelal op de buitenkant en goed onder het lichaam. Een goede plaatsing stelt een cursist in staat de afzet goed voor te bereiden. Ook maakt een goede plaatsing het mogelijk om een harde afzet goed op te vangen.

Bekijk het onderstaande filmpje over plaatsing bij gevorderde schaatsers:

Je kunt grofweg 3 dimensies definiëren van de plaatsing; de richting, de plaats en de verticale stand. Bij een goede plaatsing wijst de schaats een beetje naar buiten, staat deze onder het lichaam en op de buitenkant.

Wat wil je bereiken door te werken aan de plaatsing?

Voorbeelden van oefenstof

Tip: kijk ook eens bij Plaatsing Beginners en Plaatsing Middengroep voor andere ideeën!

Richting

Plaatst een cursist de schaats te ver naar buiten wijzend, zal het voor hem of haar moeilijk zijn om de schaats voldoende terug te laten sturen. Andersom zal een te ver naar voren wijzende schaats het een cursist moeilijker maken om druk op te bouwen omdat de schaats dan nog eerst verder naar buiten gestuurd moet worden.

Plaats

Onder het lichaam plaatsen is het uitgangspunt. De positie van de schaats die neergezet wordt ten opzichte van de schaats waarmee wordt afgezet is afhankelijk van de stand van het afzet-been. Hoe schuiner deze staat hoe verder de schaatsen uit elkaar staan (zie het filmpje).

Je kunt cursisten laten schaatsen met bewust een kleine ruimte tussen de schaatsen. Dit geeft ze wellicht meer vrijheid om schuin tegen hun afzet-schaats aan te hangen. Ook is het belangrijk om de schaats in een keer vanuit de bijhaal op het ijs te plaatsen.

Buitenkant

Er zijn gevorderde schaatsers die zeer veel moeite hebben met het plaatsen op de buitenkant. Vaak is dat met de rechter schaats (de linker krijgt zeer veel oefening in de bocht). Vaak bestaat er geen mogelijkheid om cursisten pootje over de andere kant op te laten doen, dus moet het vertrouwen en de vaardigheid op de buitenkant van de rechter schaats anders geoefend worden.
Cursisten weten al dat het moet en ook hoe. Het gaat hierbij dus om oefeningen die voor elkaar krijgen dat ze het toe kunnen passen. Een gevorderde oefening hiervoor is 2 kanten pootje over op het rechte eind. Met of zonder tussenstap. Ook het sturen op de binnen- en buitenkant kan helpen. Hand in hand zwieren op de ouderwetse manier met beide schaatsen overdreven op de buitenkant kan ook.

Voorbeeld van een rij-opdracht

Bekijk varianten van rij-opdrachten.

Al rijdend kun je de bijhaal combineren met het plaatsen. Een goede bijhaal maakt dat je ruimte hebt om te hangen en daarmee creëer je ook weer ruimte om je schaats onder je te plaatsen. Een vorm om dit te oefenen is rijden in kleine groepjes, blokken van ongeveer 3 of 4 ronden en tussendoor een ronde rust. 

Aandachtspunten: Waar kun je op letten?