7-8 jarigen

Wie zijn je cursisten

Als een kind 7/ 8 jaar is kan er al een aardig groot verschil in vaardigheid zijn. Sommige kinderen schaatsen voor het eerst en andere staan al jaren op het ijs. Op deze leeftijd leren kinderen over het algemeen snel fysieke vaardigheden aan en zijn de meeste kinderen eraan toe om bezig te gaan met stabiliteit en balans op het ijs en de schaatsbeweging.

Algemene kenmerken

Biologische ontwikkeling

Cognitieve ontwikkeling

Sociale ontwikkeling

Wat is jouw rol als instructeur? Drill instructor of warme facilitator?

Hoe leert een kind lopen(schaatsen)? Met iemand naast zich die precies uitlegt hoe het moet, die zegt dat je je benen moet strekken en je voet af moet wikkelen? Die kans is klein. Het leert lopen met vallen en opstaan, het is een spel met uitdagingen. De eerste pasjes zijn naar de armen van moeder/vader en daarin vallen is de ultieme beloning. Jij maakt een veilige omgeving waarin kinderen durven te bewegen en daarmee leren van de variaties die jij aanbiedt. 

Voor schaatsen geldt hetzelfde. Vallen en opstaan. Een kind gaat niet rechter op zijn schaatsen staan als jij zegt dat dat moet. Kinderen leren schaatsen door veel gevarieerd te oefenen. Dat doen ze als het leuk, veilig is. Een volwassene die steeds zegt wat wel en niet moet, helpt daar niet bij. Kinderen leren vooral impliciet. Het is goed om uit te gaan van het kind en om steeds te blijven bij wat leuk en leerzaam is. 

Welke vormen gebruik je waar op de baan

Veel van deze voorbeelden doe je ook bij 7-8 jarigen op een klein stukje ijs. Vaak heb je niet meer nodig. Een 400 meter baan is voor kinderen lang, saai en geeft een onveilig gevoel. Opgedeeld in kleine stukje en met elkaar is het voor veel kinderen wel weer een uitdaging. – – Op je afgezette stukje ijs gebruik je stroomvormen om pionnen heen. In een baantje of in een rondje/ovaaltje.
– Daarnaast kun je ook op je afgezette stukje door elkaar heen werken, heen en weer of op de plaats. Kinderen moeten zich veilig en geborgen voelen zodat ze vrij durven bewegen en kunnen leren.
Belangrijk is dat je organisatie zo is dat ze gelijktijdig bewegen en gelijktijdig even rusten/luisteren. Soms mag je ze tijdens rusten/luisteren zelfs even (om je heen) zitten.

De 7-8 jarigen worden bij de grote indeling gescheiden van de andere kinderen. Zij verzamelen vaak op een plek die nog dichtbij de grote verzamelplek is. De reden hiervoor is dat het voor deze groep kinderen fijn is als ze al snel bij de verzamelplek zijn. Ze kunnen nog niet allemaal al ver schaatsen. Ook kunnen ze nog in paniek raken als niet duidelijk is wat er moet gebeuren. Alle kinderen schaatsen om een pylonenbaan en de instructeurs delen op basis van snelheid en vaardigheden de kinderen in de verschillende groepen. Alle kinderen krijgen een lintje die correspondeert met de groep/instructeur. Alle kinderen blijven net zo lang schaatsen totdat iedereen een lintje heeft. Vervolgens roepen de verschillende instructeurs de kinderen bij zich en gaan ze naar een eigen plekje op de (krabbel)baan wat vervolgens de vaste verzamelplek wordt.

Hoe differentieer je

Afhankelijk van waar en wanneer de cursus plaatsvindt worden er 1 of meerdere groepen 7-8 gemaakt of wordt er zelfs een groep met meer leeftijden gemaakt. De indeling gaat dan globaal op vaardigheid. 

Binnen je groep zijn er natuurlijk altijd verschillen in vaardigheid en snelheid. Als iedereen in je groep vrij kan bewegen zal de een net iets meer meters maken of sneller opstaan dan anderen. De een een keer extra iets laten doen is dan vaak voldoende. Werk je in een stroomvorm, laat inhalen. Daar wordt iedereen blij van, degenen die inhalen worden niet beperkt en de ingehaalden hoeven geen druk te voelen van duwers. Verschillen in de groep kunnen best groot zijn. Zowel fysiek als qua vaardigheid. Afhankelijk van hoe goed ze kunnen schaatsen en hoe druk het is op de baan kan je de vaardigen samen af en toe een groot rondje laten schaatsen. De kinderen die dit dan mogen doen vinden het fantastisch, en jij hebt dan wat meer aandacht voor de jongere kinderen die misschien wat extra hulp nodig hebben

Valkuilen

Een valkuil is dat jij te snel een les/training wil geven met rondjes rijden. Het gaat er om dat ze veel en gevarieerd bewegen en spelenderwijs steeds beter gaan schaatsen. Rondjes rijden past daar niet zo bij. Las vooral ook de eerste lessen halverwege nog even een pauze momentje in. Ga halverwege met ze zitten en even kletsen. Doe de eerste les(sen) ook nog geen spelletjes met andere groepen, maar zorg dat ze elkaar leren kennen en vertrouwen in tikspelletjes etc. aan het eind van de les.

Hoe kun je het aanleren van de schaatsbeweging benaderen

Wat kun je van deze groep verwachten