Duidelijk en correcte uitleg geven

Keuzes

Wat je zegt, hoe je het zegt, hoe lang je er over doet, of je dit met lichaamstaal ondersteunt, of je oogcontact maakt of niet, dit zijn dingen waar je als instructeur keuzes in maakt en dus invloed op hebt. Jouw waarde als instructeur zit voor een groot deel in de uitleg die je geeft. Belangrijk is daarin: aan wie geef je de uitleg en met welk doel? We duiken dieper in de theorie van de didactiek.

Didactiek

Didactiek betekent letterlijk: ‘de kunst van het onderwijzen’, kort gezegd: ‘onderwijsleer’. Didactische keuzes die gemaakt worden zijn: wat vertel ik, hoe vertel ik het, hoe lang praat ik, hoe lang schaatsen of oefenen de cursisten, wanneer geef ik feedback, waar geef ik feedback, doe ik het voor, schaats ik mee enzovoort. Al deze keuzes hebben invloed op het leerproces van de cursist. Een van de belangrijkste elementen bij de didactiek is hoe presenteer ik mezelf. We hebben het dan over stemgebruik, oogcontact met de cursisten en lichaamstaal.

Over de andere keuzes die je maakt voor en tijdens de les lees je meer bij JeugdDifferentiëren, Feedback, Soort Opdracht en Werkvorm (plaatje, praatje, daadje). Of kijk onder modules bij Differentiëren.