Wat zegt onze opleider

Naast de “mechanische” uitgangspunten die we tot nu toe hebben benoemd in de manier waarop we kunnen kijken naar de schaatsbeweging hebben we ook “fysieke” uitgangspunten waar we aandacht aan moeten besteden.

Als we spreken over fysieke uitgangspunten dan hebben we het over de FITHEID van jou als schaatser. Kun je fysiek wat nodig is om de opdrachten en de oefenvormen uit te voeren. We proberen om in onze lessen altijd één van de voorwaarden centraal te stellen. Dat betekent natuurlijk niet dat die andere voorwaarden niet aangesproken worden maar je moet het zien als “sausje” over de opdracht. Als je Fitheid wilt trainen dan moet je eigenlijk ALLE voorwaarden om te kunnen bewegen trainen. Hieronder nog een keer de voorwaarden zoals wij die zien

Coördinatie zit als een schil om de voorwaarden heen. De kwalitatieve uiting van Fitheid. Coördinatie gaat meer over de aansturing, je zenuwstelsel, de integratie van al je zintuigen. Kun je spelen met al deze voorwaarden. Het geeft timing aan je beweging.

Goed willen schaatsen is één ding. Daar dan hard voor moeten trainen is weer iets heel anders. Helaas heeft het ene wel met het andere te maken. Eén keer schaatsen in de week  is helaas niet genoeg om steeds beter te worden op het ijs. Als je aardig kunt schaatsen, zul je om nog beter te worden meer moeten gaan trainen.

Van diverse schaatsers hoor ik echter dat daar geen tijd voor is. Natuurlijk zou je dan kunnen zeggen; “tijd is prioriteit” maar daar help je eigenlijk niemand mee. Misschien wel met wat suggesties die weinig tijd kosten en wel effectief zijn. Naar de ijsbaan gaan kost vaak veel tijd.

Dit moet maar net in je week passen maar ook van 1 keer per week schaatsen en daarnaast een paar korte oefeningen in/vanuit huis maakt je een betere schaatser.

Heel veel succes, je zult snel ervaren wat voor positieve effecten deze toch simpele oefeningen zullen hebben.