Werkvorm

De aangewezen manier om mensen iets aan te leren is de demonstratievorm. Hierbij wordt gebruik gemaakt van zowel verbale als visuele instructie. Anders gezegd: praatje/plaatje/daadje. Het ‘praatje’ is hierbij de uitleg van een opdracht aan de cursist door de instructeur. Bij het ‘plaatje’ laat de instructeur zien hoe dit eruit ziet en het ‘daadje’ is de uitvoering van de opdracht door de cursist en de controle daarop door de instructeur.

Praatje In het praatje wordt kort en duidelijk uitgelegd welke opdracht/oefening gedaan gaat worden, wat het (technische) doel ervan is, waar de cursisten specifiek op moeten letten en hoe lang de opdracht duurt.

Plaatje Probeer altijd een voorbeeld te geven, veel cursisten begrijpen pas echt wat bedoeld wordt als ze het zien. Een voorbeeld moet lang genoeg, goed zichtbaar zijn (voor al jouw cursisten) én aansluiten bij het niveau van de cursisten. Het liefst geef je één duidelijk voorbeeld en laat je dit direct volgen door actie. Wanneer je het idee hebt dat de cursisten jouw voorbeeld niet goed hebben gezien, dan doe je het direct nog een keer. De uitvoering van het voorbeeld moet geen vragen oproepen, laat dus zien wat je ook bij jouw cursisten wilt zien. Dit houdt in op de gewenste snelheid, in de gewenste houding en in de gewenste uitvoering (let bijvoorbeeld op wel of niet met je handen los rijden bij het voorbeeld).

Daadje Tijdens het daadje gaan de cursisten aan de slag met de gegeven opdracht. Aan een opdracht moet een tijdsduur gekoppeld worden. Een aantal factoren spelen een rol bij het bepalen hiervan. Eén van die factoren betreft het vaardigheidsniveau van de cursisten.

Een instructeur geeft een opdracht die grofweg tussen de 5 en 15 minuten ligt. Korter of langer is niet wenselijk. Een instructeur kan er ook voor kiezen een aantal ronden op te geven. Dit is niet altijd handig omdat er vaak enig niveauverschil binnen een groep is. Het werkt beter om bij het geven van de opdracht/oefening de snelste meer rondes te laten rijden dan de minder snellen.  Zie meer hierover bij Differentiëren.

De wens om de oefening volledig te begrijpen en te blijven doorvragen van de ene cursist en het ongeduld van de andere cursist om direct te willen beginnen, zijn goed te verklaren wanneer je leest over de myers-briggs type index en de module Totaal coachen van Jan Huijbers in het modulegedeelte op deze site.